HOME     podium  
 

Vicky Vinex, column 5
naam


Lieve lezers,

Spring has arrived in El Ar en de bloesem knalt je tegemoet. Mijn wijk lijkt veranderd in een appelboomgaard en grote gele banen narcissen meanderen tussen de huizenblokken. Het dak van mijn cabrio is naar beneden geschoven. Ik draag een fantastische Prada zonnebril en uit de speakers klinkt 'good old Madonna's Beautiful Stranger. Ik voel me licht als een veertje.

Als ik langs het tuincentrum rijd heeft mijn wijsvinger voor mij besloten en de richtingaanwijzer naar beneden geduwd. Ik haat planten. Althans, tot nu toe. Alles hangt, verschrompelt en verdort in 'no time' onder mijn,- hoe zullen we het noemen -, roze vingers. Het heeft nooit zo geklikt tussen mij en de natuur maar mijn vinex oase schreeuwt om groei en bloei, dus mijn onderhoudsvrije achterplaats zal er aan moeten geloven.

Met een maxi-winkelwagen scheur ik over de paden van het tuincentrum en laad mijn kar vol met hangende, kruipende, liggende en staande vroeg en laatbloeiers. Een stapel mediterrane potten en zakken tuinaarde completeren deze impulsieve koopronde.

Ik schrik me dood van de prijs,- in de natuur is toch alles gratis??,- maar soit. Ik krijg er een Hof van Eden binnen handbereik voor in de plaats dus mij hoor je niet mopperen.
Mijn Beetle lijkt wel een opgetuigde wagen in de bloemencorso en als de lentekoningin van het jaar parkeer ik bij mijn achtertuin.

Ik sleep de levende have het terras op en trek die kittige oranje tuinklompjes aan die heel leuk combineren met de gebloemde plastic tuinhandschoenen die ik en passant gescoord heb. Ik werp een blik in mijn spiegelende schuifpui. "Gee Vicky, dat ziet er niet gek uit." En de basis voor de Farmer Girl Edition is gelegd. I told you, landelijkheid wordt het item voor de komende zomer.

Ik scheur de zakken aarde open en ga driftig in de weer met de planten en potten. Ondertussen spreek ik de jonge aanplant bemoedigend toe want ik heb begrepen dat planten heel gevoelig zijn voor communicatie. ?Dag lieverdje, ga jij fijn in je nieuwe pot wonen. Lekker met je wortels in de rulle aarde wroeten. Ik ben zo blij met je, wij gaan vast hele dikke vrienden worden. Ik aai over de bladeren, ik druk liefdevol de grond aan en voel me zooo verbonden met moeder Aarde. Oude instincten worden wakker geschud en een intense tevredenheid maakt zich van mij meester. Ik durf zelfs een wurm tussen mijn vingers op te pakken en over de schutting te gooien. Met een onhoorbare plof beland ze bij de buren. Ciao, ciao fluister ik nog in haar richting. Insecten zijn echt cool. Of is een wurm geen insect? Verdiept in deze biologische kwestie zie ik de buurvrouw in mijn blikveld opdoemen.

Hai Buuf, roep ik nog steeds in een gelukzalige roes verkerend. Heb jij planten gekocht?, vraagt ze. Ik zie de frons op haar voorhoofd wel maar het dringt nog niet echt tot mij door. Ja, roep ik enthousiast, ik ga de bloemetjes eens lekker buiten zetten.
Maar dat zijn kamerplanten hoor, zegt ze terwijl ze wijst in de richting van de fraaie compositie die ik zojuist moeizaam in de pot heb gedeponeerd. Die doen het niet buiten. Maar het zonnetje schijnt toch, werp ik nog tegen maar ik weet het al. Het is MIS, met grote hoofdletters. Dat zijn tropische planten, die doen het niet in ons klimaat. Haar stem is meewarig en belerend. Twee dingen waar ik absoluut niet tegen kan. Na een monoloog van minstens een half uur weet ik dat ik tropische, giftige, vorstgevoelige planten heb uitgezocht die het absoluut niet doen in ons land. Zelfs niet in El Ar en zeker niet in een keramische pot waar het water geen kant uit kan.

De oranje slofjes liggen in de schuur. De aanplant is linea recta in de groene afvalbak gedeponeerd. De lege potten staan opgestapeld als een totempaal in mijn tuin.

Zwarte wolken pakken samen aan het somber zwerk. Laat het maar flink donderen denk ik terwijl ik een wodka-lime achterover kiep. Ondertussen denk ik aan de beeldentuin die ik hierachter aan kan gaan leggen. Morgen direct even binnenlopen bij een tuin gallery.


Liefs van Vicky.