HOME     podium  
 

Vicky Vinex column 7
naam


Lieve lezers,

Ik wist het.

Vanaf de eerste keer dat ik El Ar betrad heb ik het gevoeld, the mediteranian vibes. Het zuidelijke temperament. De rijke historia.
"Hé hallo Vick, zult u denken, wat nou historie. El Ar bestaat net 10 jaar. Dat heeft zijn Pamperfase nauwelijks achter zich gelaten."

Maar niets is minder waar. Deze pracht locatie (don't mention the V-word) is al zo oud als de weg naar Rome. El Ar heeft een geschiedenis waar de Utrechtse grachtengordel een dikke punt aan kan zuigen. Toen El Ar al levendig floreerde stond op dat hele Domplein nog slechts een kale wachttoren in het vlakke land. Die Oude Gracht met z'n eeuwenoude gevelpracht was nog één grote modderpoel waarin hooguit een paar verwilderde Batavieren met hun botte bijl huis hielden.
Daarentegen bloeide hier in deze zogenaamde suburb het culturele leven al volop. Er was een druk bezochte handelsroute waar vele nationaliteiten elkaar ontmoetten. Er was een Castellum met de bijbehorende beschaving. Er waren badhuizen vergelijkbaar met onze beautyfarms. Er waren hoeren, kunstenaars, veldheren, gymnasiasten en zo?n beetje toute la populatie sprak een aardig mondje Latijn.
El Ar, lieve Lezers, was misschien wel een soort buitenpost maar dan wel van het mondiale Rome.

Dus.

U wist het misschien niet of wel een beetje, maar is de volledige portee van dit feit wel eens tot u doorgedrongen?

El Ar was de toegangspoort tot het machtige Romeinse Rijk. Het Europa avant la lettre. De grens van dit superimperium liep right here, door mijn eigen achtertuin.
Op deze plek, langs de oevers van onze Leidsche Rijn, had Ceasar himself zijn wachttorens laten neerzetten. Terwijl de inheemse boeren nog suikerbieten uit de grond trokken en havermout naar binnen lepelden, werd hier in de Romeinse nederzettingen al de pasta putanesca geserveerd en tiramisu gesmikkeld.

El Ar leefde al lang voordat het Utrechtse hart begon te kloppen. En dat laat zijn onuitwisbare sporen na.

Ik zit op mijn terras. De spumante tinkelt in mijn glas. De mozzarella met zelfgekweekte basilicum legt mijn smaakpapillen in de watten en ik voel een intense verbondenheid met de geschiedenis.

The Romans were here.

Even waan ik mij terug in de tijd. Bijna twee millennia zijn eroverheen gegaan. Fiere mannen die hun paarden door de Hollandse vlakte joegen. Hun bovenlijf ontbloot. Vervuld van heimwee naar de zuidelijke zon. Zij legden hier wegen aan, zij bouwden hier schepen om het onontgonnen land in verbinding te brengen met de beschaving. De sporen die zij hebben achtergelaten worden nu in grote getale naar boven gehaald. El Ar wemelt van de archeologen die met glimmende ogen van opwinding de ene na de andere Romeinse kunstschat uit de grond trekken.

El Ar heeft het! Al eeuwen!

De bel haalt mij ruw uit mijn Roman holiday.
De pizzakoerier staat voor de deur. Zo lang El Ar nog geen trattoria of exquise Italiaan bezit ben ik teruggeworpen op de locale pizzabezorger die een Vesuvio komt brengen om mijn Italiaanse maaltijd te completeren.

Ik open de deur. Mama Mia!

Zei ik dat El Ar geen exquise Italiaan bezit. I was wrong, honey.

Voor mijn neus staat het best geslaagde exemplaar dat mijn ogen ooit mochten aanschouwen. Dit is een regelrechte afstammeling van de Romeinse Legioenen die El Ar op de kaart hebben gezet. Donker haar met wat grijs aan de slapen. Een open overhemd (natuurlijk van de beste italiaanse kwaliteit) met krullend borsthaar dat boven de pizzadoos uitpiept.
Bon apetito, signora, zingt zijn omvloerste stem, terwijl hij mij lachend aankijkt.
Ik zou hem wel naar binnen willen sleuren maar ik houd mij in. Dit vraagt om tijd en tactiek.

Lieve lezers, het werd een avond die mijn stoutste Romeinse dromen overtrof. En dan heb ik het niet over de culinaire aspecten.
Vinnie (Vincento Cesare) liet zijn Vespa buiten staan en heeft mijn perceel niet meer verlaten.

Dit was met recht Vene, Vidi, Vici, Vicky!


Liefs van Vicky Vinex.